kunstbusgroningen

Lexicon Kunstbus Groningen

Dit artikel is 06-02-2022 voor het laatst bewerkt.
Mail uw opmerking over of aanvulling op dit artikel naar kunstbus@gmail.com

vertrekdagen

Voordat de meiden en knechten een nieuwe dienst aanvaardden, ontvingen ze hun jaarloon en hadden ze recht op een vrije week van acht dagen. In deze vrije week (de haarstvrijweek op het Hogeland) vielen de belangrijkste voorjaars- en najaarsmarkten en -kermissen, zoals de Groninger meikermis (dikke of drokke dingsdag) en de Adrillenmaart (allerheiligenmarkt) in Winschoten.

De vertrekdagen van het inwonend personeel waren vanaf de 18de eeuw, toen hier met veel strijd tussen 1702 en 1781 de Gregoriaanse kalender van 1582 (de nieuwe stijl) werd ingevoerd, tot na WOII de eerste zondag na 12 mei (oude mei) en 12 november (in deze eeuw alleen nog hier en daar op het Hogeland), of, in Zuidoost-Groningen, ook 1 november.

12 Mei, volgens de oude tijdrekening 1 mei, is de Oude Mei. Tot na de oorlog werd in Groningen nog met de Oude Mei gerekend, wat de inhuurtermijnen van o.a. dienstboden betrof. In het Westerkwartier was de Oude Mei de algemene verhuisdag.

Voordien waren de gangbare vertrekdagen 1 mei en 10 oktober (Santgangendag, de dag van de bedevaart van Sint Victor van Xanten).

Boerderijen worden, wat het bouwland betreft, nog 12 mei aanvaard; een mondelinge huurovereenkomst tegen O.M. moet vóór 1 jan. worden opgezegd. 12 mei heet ook 'Maeijedei'; 'tusken de Maeijen' (tussen de meien) is 1-12 mei.

Lit.: Ter Laan, Volksleven II, 28, 66, 116-117, 188-189; ). Th. de Smidt, Rechtsgewoonten (Amsterdam 1954) 123-124, 238-263.

(Encyclopedie Groningen - Nieuwe Groninger Encyclopedie)

Klik hier voor informatie over auteurs, literatuur en websites waar veelvuldig uit geciteerd of geparafraseerd is.