kunstbusgroningen

Lexicon Kunstbus Groningen

Dit artikel is 11-03-2022 voor het laatst bewerkt.
Mail uw opmerking over of aanvulling op dit artikel naar kunstbus@gmail.com

Keiser

Juristengeslacht, in de tweede helft van de 18de eeuw in het Groninger regeringscircuit opgenomen.

Gerhardt Keiser (Uelsen, 10 september 1637 - augustus 1669) was landschrijver en geheimraad van de graaf van Bentheim. Mr. Keiser werd in 1637 geboren als zoon van de richter van Uelsen, mr. Herman Keiser en van Johanna van Middachten. Hij was een kleinzoon van de burgemeester van Nordhorn Gerhardt Keiser, naar wie hij werd vernoemd. Evenals zijn vader studeerde hij rechten en promoveerde in de beide rechten (Romeins en canoniek recht). Hij trouwde in februari 1664 met de dochter van de ontvanger-generaal van het graafschap Bentheim, Aleida Lohman, een weduwe afkomstig uit Neuenhaus. Keiser was landschrijver van het graafschap Bentheim en was geheimraad van de graaf van Bentheim. Hij overleed in augustus 1669 op 31-jarige leeftijd. Zijn dochter Johanna was toen drie jaar en zijn zoon Johan Harmen was ruim een jaar. Zijn zoon studeerde rechten aan de Universiteit van Harderwijk en vestigde zich in 1691 als jurist in Groningen en werd daar gedeputeerde van Stad en Lande en lid van de Staten-Generaal.

Johan Harmen Keiser

De stamvader Johan Harmen Keiser (Bentheim - Groningen 1718), jurist en politicus, was geconstitueerd redger te Sauwerd, kocht de borg Onsta aldaar die door zijn kinderen weer werd verkocht.

Keiser was een zoon van de landschrijver van Bentheim en tevens geheimraad van de graaf van Bentheim, mr. Gerhardt Keiser en van Aleida Lohman. Zijn vader overleed in augustus 1669 toen hij ruim één jaar was. Keiser ging in 1687 rechten studeren aan de Universiteit van Harderwijk en promoveerde tot doctor in de beide rechten (Romeins en canoniek recht). Hij vestigde zich in 1691 in Groningen. In 1703 werd hij gezworene van Groningen en 1714 werd raadsheer aldaar. Hij was lid van de Hoge Justitiekamer van Groningen. Tevens was hij gedeputeerde van Stad en Lande en werd hij door Groningen afgevaardigd als lid van lid van de Staten-Generaal.

Gerhard Jacob Keiser

Keiser trouwde op 19 februari 1693 te Groningen met Maria Warmolts. Uit hun huwelijk werden tien kinderen geboren, waaronder Gerhard Jacob Keiser (1701-1785) die evenals zijn vader jurist en gedeputeerde van Stad en Lande zou worden.
Hij studeerde rechten aan de universiteit van Franeker en promoveerde aldaar in 1722. Net als zijn vader werd hij raadsheer in Groningen. Hij was lid van het Generaliteits Krijggericht aldaar en gedeputeerde van Stad en Lande. Van 1760 tot 1785 was hij president van de Hoge Justitiekamer van Groningen.
Keiser trouwde op 29 augustus 1728 te Groningen met Margaretha van Brunsvelt, dochter van Theodorus Brunsveld, secretaris van de provinciale rekenkamer. Uit hun huwelijk werden zes kinderen geboren. Keiser bewoonde in de tweede helft van de 18e eeuw een pand aan de Ossenmarkt in Groningen. In dit pand zou later de directeurswoning van het Henri Daniel Guyot Instituut worden gevestigd. Hij overleed in juli 1785 op 84-jarige leeftijd in zijn woonplaats Groningen.

Jan Harmen (II) Keiser (1730-1800) werd raadsheer (1768-1795). Was een marionet van de Oranjegezinde Iddekingekliek (zie Van Iddekinge).

Gerhard Jacobs zoon Jacob Warmolt Keiser (1737-1821) was jurist, secretaris-ontvanger van het Winsumer en Schaphalster Zijlvest, gezworene (1766), secretaris in, later raadsheer van de Hoge Justitiekamer (1785) en president van het Departementaal Gerechtshof (1808).

Gerhard Jacob (II) Keiser

Zijn zoon Gerhard Jacob (II) Keiser (1770-1848) was onder andere grietman van Vredewold en Oosterdeel-Langewold, rentmeester der stadsvenen en secretaris van het Provinciaal Gerechtshof. In 1812 was hij notaris te Groningen, later lid van Gedeputeerde Staten (1834). Hij was een van de oprichters, later bestuurslid en voorzitter van de Academie Minerva (1797).
Net als zijn vader en zijn grootvader Gerhard Jacob Keiser, naar wie hij vernoemd was, studeerde hij rechten. Keiser promoveerde in 1794 aan de universiteit van Groningen. Het jaar daarop trouwde hij, op 11 november 1795, met Gesina Ellegonda Busch te Groningen. Hij vestigde zich als advocaat in Groningen. In de periode 1796 tot 1802 was hij grietman van Oosterdeel - Langewold. Van 1803 tot 1811 was hij secretaris van het gerechtshof van Groningen. Vervolgens werd hij notaris in deze stad. Van 1829 tot 1848 was hij lid van Provinciale Staten van de provincie Groningen. Van 1834 tot 1848 was hij tevens gedeputeerde van deze provincie.

Als vrijmetselaar was Keizer betrokken bij de Groninger loge L'Union Provinciale. Van 1809 tot 1810 vervulde hij de functie van voorzittend meester bij deze loge. Hij werd opgevolgd door zijn zwager, kolonel Marcus Busch.

Keiser was ook lid van de Groningse afdeling van de Maatschappij tot Nut van 't Algemeen. Samen met vijf andere leden van deze afdeling (waaronder ook vrijmetselaren) richtte Keiser een kweekschool (de voorloper van de Pedagogische Academie van de Hanzehogeschool Groningen) en de Academie van Teeken-, Bouw- en Zeevaartkunde "Minerva" op.

Bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/Keiser

Klik hier voor informatie over auteurs, literatuur en websites waar veelvuldig uit geciteerd of geparafraseerd is.