kunstbusgroningen

Lexicon Kunstbus Groningen

Dit artikel is 11-03-2022 voor het laatst bewerkt.
Mail uw opmerking over of aanvulling op dit artikel naar kunstbus@gmail.com

keileem

Keileem (grondmorene) is een mix van klei, leem, zand, grind en grotere keien afgezet door gletsjers tijdens de voorlaatste ijstijd, het Saalien, 238.000 tot 126.000 jaar geleden. De laatste periode waarin het Scandinavische landijs tot in Midden-Nederland kwam. Deze gletsjers voerden materialen mee in de onderste laag die bleven liggen nadat het ijs zich teruggetrokken had. Keileem is taai en slecht doordringbaar voor water. Daarom is het in het verleden gebruikt om dijken mee te bouwen.

In de loop der duizenden jaren zijn grondmorenes bedekt geraakt door andere afzettingen, maar op een paar plaatsen in Nederland liggen ze aan het oppervlak. Hierin kan je zwerfkeien vinden die door de gletsjers zijn meegevoerd uit Scandinaviƫ. De stenen van hunebedden in Drenthe en Groningen komen uit keileem. Deze keien zaten gevangen in het ijs en hebben vaak slijtsporen omdat ze tegen elkaar, of over de Scandinavische bodem krasten.

De grote zwerfstenen zijn in de prehistorie gebruikt voor de bouw van de hunebedden, vuursteen werd gebruikt voor het maken van pijlpunten, schrabbers en bijlen.

Keileem bestaat voor een deel uit materiaal dat in het herkomstgebied werd opgenomen (m.n. Fennoscandinaviƫ). Voor een ander deel bestaat het uit lokaal materiaal en is afhankelijk van de samenstelling van de ondergrond waarover het ijs zich heeft voortbewogen. In Nederland wordt overwegend in onverweerde toestand verkerend grijs, kalkrijk keileem aangetroffen. Plaatselijk komt echter rood keileem op of in het grijze voor. Het rode keileem is veel kleiiger en heeft zwerfstenen van Oost Baltische herkomst.

Het keileem komt voor tot een dikte van enige meters en kan zoals in Noordoost-Nederland een aaneengesloten dik vlak onder het maaiveld vormen. In de meeste gevallen ligt het dieper en meer verspreid. Door zijn mechanische eigenschappen is het keileem zeer geschikt voor de aanleg van dijken (Zuiderzeewerken) en voor verwerking tot baksteen.

Het komt plaatselijk in Nederland soms over grote oppervlakten voor, zo b.v. in de Gelderse Vallei op ca 40 m onder het maaiveld in een laag van ca 1 m en in Drente, Overijsel en in de Achterhoek in zandgronden op geringe diepte en soms zelfs aan de oppervlakte. Op sommige plaatsen o.a. in de N.O. polder en Drente komt het sinds kort bekende schollenkeileem voor, welke waarschijnlijk uit de Mindelijstijd afkomstig is.

Keileem wordt nabij het oppervlak aangetroffen op ruggen die door het landijs zijn gevormd. Afhankelijk van de stromingsrichting hebben deze een NNW-ZZO richting, zoals de Hondsrug, of een WZW-ONO-richting, zoals de ruggen in het Zuidelijk Westerkwartier, rond Winschoten en bij Onstwedde.

Klik hier voor informatie over auteurs, literatuur en websites waar veelvuldig uit geciteerd of geparafraseerd is.