Lexicon Kunstbus Groningen

Dit artikel is 04-04-2021 voor het laatst bewerkt.
Mail uw opmerking over of aanvulling op dit artikel naar kunstbus@gmail.com

Johannes Hinderikus Egenberger

Johannes Hinderikus Egenberger (Arnhem 1822 - Utrecht 1897) was schilder, fotograaf en van 1857 tot 1895 directeur der Teken-akademie Minerva. Egenberger heeft een grote invloed gehad op de schilderkunst in Groningen. Hij wordt wel de grootvader van de Ploeg genoemd. Hij ontwierp het gedenkteken van Heiligerlee.

Egenberger was een zoon van de militair Louis Constant Egenberger en Hendrica van Reeken.

Hij kreeg zijn eerste schilderlessen van zijn zwager, de Amsterdamse kunstschilder Louis Henri de Fontenay. Later volgde hij lessen aan de Koninklijke Academie in Amsterdam (1840-1848), bij Jan Willem Pieneman.

Hij trouwde in 1848 met de toneelspeelster Christina Margaretha Bartels (1822-1897).

Vanaf 1852 was hij hulponderwijzer aan de Academie.

Academie Minerva

In 1857 werd Egenberger aangesteld als hoofdonderwijzer (= directeur) van Academie Minerva in Groningen.

Egenberger gaf ook les aan de Rijkskweekschool (tot 1864) en de Rijks HBS voor meisjes (vanaf 1872).

Naast zijn werk aan de academie ontwikkelde Egenberger zich als fotograaf. Hij was in 1864 de eerste met een eigen fotoatelier in Groningen. Hij vroeg ontslag als hoofdonderwijzer om zich volledig op het fotograferen te kunnen richten. In datzelfde jaar opende hij een filiaal in Leeuwarden, waar Jan Hoen, die getrouwd was met Egenbergers nicht Louise de Fontenay, filiaalhouder was.

Egenberger kon niet rondkomen van de fotografie en sloot zijn ateliers alweer rond 1865. Hij vroeg en kreeg toestemming om terug te keren als hoofdonderwijzer aan Academie Minerva.
Dertig jaar later, in 1895, ging hij met pensioen.

Leerlingen van Egenberger waren onder anderen Otto Eerelman, Albert Hahn, H.W. Mesdag, F.H. Bach en Willem Zwart.

Werken
Egenberger was aanvankelijk actief als historieschilder. Moord op Aleid van Poelgeest; Dood van Jan Willem Friso; Christus voor Pilatus (in de Martinikerk); Bartholomeusnacht (Museum van Oudheden). Samen met Jacob de Vos werkte hij 1850-1854 aan diens Historische Galerij, met onderwerpen uit de vaderlandse geschiedenis. In 1854 maakte hij, samen met vriend Barend Wijnveld, een groot schilderij van Kenau Hasselaer (in 't Stadhuis van Haarlem).

Later ging Egenberger ook meer alledaagse voorstellingen, landschappen en portretten schilderen. Voor de universiteit van Groningen schilderde Egenberger een aantal professorenportretten.

In 1868 werd een prijsvraag uitgeschreven voor een nieuw monument ter nagedachtenis aan Adolf van Nassau, die was gesneuveld bij Heiligerlee. Het ontwerp van Egenberger won. Omdat hij meer schilder dan beeldhouwer was, werd het werk uitbesteed aan de Belgische beeldhouwer Jozef Geefs. Het Graaf Adolfmonument werd 23 mei 1873 in het bijzijn van koning Willem III onthuld.

Egenberger ontwierp ook een aantal penningen: één voor Groninger geneesheren en kandidaten die zich inzetten bij de bestrijding van de cholera-epidemie (1866), een prijspenning voor het 25e Landhuishoudkundig Congres in Groningen (1871) en de herdenkingspenning Groningen constant (1872).

Zijn stijl ontwikkelde zich van academisch-romantisch naar een aan de Haagse School verwante schildertrant.

Voor het Groninger kunstleven ontwierp hij onder meer toneeldecors en kostuums voor studentenmaskerades. Hij exposeerde een aantal keren bij Pictura in Groningen waar hij ook een bestuursfunctie vervulde; in 1894 werd hij er benoemd tot erelid.

Werken van hem zijn onder andere in het bezit van het Groninger Museum en het Rijksmuseum.

Klik hier voor informatie over auteurs, literatuur en websites waar veelvuldig uit geciteerd of geparafraseerd is.

Pageviews vandaag: 20.