Lexicon Kunstbus Groningen

Dit artikel is 18-04-2021 voor het laatst bewerkt.
Mail uw opmerking over of aanvulling op dit artikel naar kunstbus@gmail.com

Johannes Elias Feisser

Johannes Elias Feisser (Winsum 1805 - Nieuwe Pekela 1865) was een predikant van de Nederlandse Hervormde Kerk die aan de wieg stond van het Nederlandse baptisme. Feisser verzette zich tegen de kinderdoop en werd in 1844 in Gasselternijveen als predikant afgezet. Met enkele volgelingen liet hij zich in mei 1845 in een veenvaart door middel van onderdompeling dopen door J. Köbner. Hiermee was de eerste Nederlandse baptistengemeente een feit.

Baptisme
Het baptisme ontstond in 1609 in Amsterdam, onder Engelse ballingen. Begin zeventiende eeuw vestigden groepjes Engelsen, 'separatisten', zich in Leiden, Middelburg en Amsterdam. Ze vonden de anglicaanse kerk, met haar hiërarchische structuur, te veel lijken op de kerk van Rome.
Eén groepje 'separatisten' stond onder leiding van John Smyth. Ze kerkten bij bakker Munter aan de Amstel. Munter was doopsgezind. Smyth en zijn volgelingen namen hier de geloofsdoop over. Omdat ze de anglicaanse kerk verwierpen, wilden ze zich ook opnieuw laten dopen, op basis van geloofsbelijdenis, en dan kom je uit op geloofsdoop. De vraag was wie die doop moest verrichten, want je kunt niet iemand die zelf geen geldige doop heeft ontvangen andere mensen laten dopen. Smyth loste dat op door eerst zichzelf te dopen en daarna zijn volgelingen. De eerste baptistengemeente was een feit.
Behalve de geloofsdoop hadden de baptisten nog een essentieel verschil met andere kerken: de organisatie van de gemeente: het congregationele model met een organisatie van onderop.
De separatisten, onder wie dus ook de baptisten, keerden na enige jaren terug naar Engeland of ze reisden door naar de Verenigde Staten. Daarmee verdween voor lange tijd het baptisme uit Nederland.

De grote man van het negentiende-eeuwse Nederlandse baptisme was dominee Johannes Elias Feisser (1805-1865) van Gasselternijveen. Feisser ergerde zich aan het gebrek aan tucht in de hervormde kerk. Hij doopte niet graag kinderen van mensen die niet meededen met het kerkelijke leven. De kerkleiding schorste hem.
Feisser kwam in contact met baptisten in Hamburg, nadat hij onafhankelijk van hen al zijn 'baptistische' conclusies had getrokken. Een van hen doopte in Gasselternijveen in 1845 Feisser en zijn volwassen aanhangers, in een veenkanaaltje achter het erf van boer Kruit. Daarmee was de eerste Nederlandse baptistengemeente een feit.

Elf jaar eerder was de Afscheiding, waaruit de Gereformeerde kerken in Nederland zouden voortkomen (in 2004 opgegaan in de PKN). Er zijn contacten geweest tussen Feisser en de afgescheiden dominee Brummelkamp uit Amsterdam. De baptisten vonden dat de Afscheiding half werk had geleverd. „Ze scheidden zich wel af maar voegden zich niet samen”, citeert rector Van der Leer het taalgebruik van die tijd. Met het laatste werd bedoeld dat Afgescheidenen niet kozen voor het baptistische gemeentemodel. Maar er was ook waardering voor de Afgescheidenen. Zij hadden bevochten dat nieuwe kerkgenootschappen gemeenten mochten stichten, waarvan de baptisten profiteerden.

In 1881 volgde de oprichting van de baptistenunie. Volgens Van der Leer hebben de bij de Unie aangesloten baptisten twaalfduizend volwassen leden. Er zijn ook vrije baptisten, sinds 2006 verenigd in de ABC, de Alliantie van Baptisten en CAMA-gemeenten. Daartoe behoort de bekende dominee Bottenbley uit Drachten. Volgens Van der Leer is het aantal baptisten tot 1985 gegroeid. Van 1985 tot 2000 bleef het aantal onveranderd. Sinds 2000 is er weer een lichte groei, die vooral ten koste zou gaan van evangelische gemeenten enerzijds en de PKN anderzijds.

Websites en bronnen:
Eildert Mulder, 24 juli 2009, www.trouw.nl

Klik hier voor informatie over auteurs, literatuur en websites waar veelvuldig uit geciteerd of geparafraseerd is.

Pageviews vandaag: 2.