Lexicon Kunstbus Groningen

Dit artikel is 08-12-2020 voor het laatst bewerkt.
Mail uw opmerking over of aanvulling op dit artikel naar kunstbus@gmail.com

Jelle Hendriks Brouwer

Jelle Hendriks Brouwer (Beetsterzwaag 23-08-1900 - Leeuwarden 22-01-1981) was hoogleraar in de Friese taal- en letterkunde te Groningen (1941-56) en Amsterdam (1956-62); wetenschappelijk directeur van de Fryske Akademy te Leeuwarden (1956-64). Hij geldt als een van de belangrijke figuren uit de Friese Beweging, de Friese literatuur en filologie. Brouwer was o.m. voorzitter van het Frysk Selskip en van de Fryske Akademy.

Reeds als leerling van de Hes in Sneek was hij lid van de Friese Beweging.

Sedert 1920 raakte hij bekend als Fries dichter en prozaïst.

Nadat hij besloten had de studie Nederlands, die hij in 1922 had afgesloten met de akte MO, universitair voort te zetten, deed hij in 1937 staatsexamen gymnasium. In 1938 legde hij cum laude het kandidaatsexamen af en in 1940 het doctoraal examen. Hij promoveerde in 1941 in Groningen bij de germanist J.M.N. Kapteyn (1870-1949) op Thet Autentica Rjocht, de uitgave van een Oudfriese wetstekst naar drie handschriften.
P. Sipma, achter wie de Friese beweging stond, had sinds 1930 colleges in en over het Fries gegeven. De universitaire vernieuwingen werden in die tijd minder door internationale dan door regionale impulsen teweeggebracht. Zo werd Brouwer in 1941 de eerste gewoon hoogleraar in het Fries en‚ om duidelijk te maken dat deze opdracht deel uitmaakte van het Oudgermanistische complex, ook het Gotisch.

Als hoogleraar heeft Brouwer het Fries Instituut van de RUG gesticht. Met zijn medewerkers werkte hij aan een Oudfries woordenboek en een Middelfries woordenboek. Verder richtte hij het instituutstijdschrift, Us Wurk, op. In 1956 werd hij wetenschappelijk directeur van de Fryske Akademie te Leeuwarden en bijzonder hoogleraar in de Friese taal- en letterkunde aan de Universiteit van Amsterdam tot 1964.

Van zijn vele publicaties daarna verdient bijzondere vermelding zijn commentaar bij het eerder door hem uitgegeven werk van de Friese literator Gysbert Japicx (1603-1666).

Hij verzamelde zijn eerste gedichten in De gouden ure (1930), latere in In string fersen (1934) en Dúnsân . Hij was redacteur van De Holder (1926-29) en lt Heitelân (1946-49).

Filologisch werk: Ansck in Houck (1935; met W.Gs.Hellinga), Woutir in Tjalle (1939), Jan Jansz.
Starter (1940), Thet Autentica riocht (diss. 1941), Joost Hiddes Halbertsma (rede 1941), Hedendaagse aspecten van de Friese litteratuur (1954), De Friese brief (rede 1957), Poëzij en Proaza fan Eeltsje Halbertsma (1958), Fryske foarnammen en skaeinammen (1963), It Fryske sprekwurd (1964), Gysbert Japicx' wurken (2 dln., 2e dr. 1966).

Klik hier voor informatie over auteurs, literatuur en websites waar veelvuldig uit geciteerd of geparafraseerd is.

Eerste pageview van vandaag: 1