kunstbusgroningen

Lexicon Kunstbus Groningen

Dit artikel is 08-02-2022 voor het laatst bewerkt.
Mail uw opmerking over of aanvulling op dit artikel naar kunstbus@gmail.com

Jacobijnenklooster Groningen

Dominicaner priorij te Groningen, een dochterklooster van het klooster in Winsum. Met de overgang naar het Protestantisme in 1594 (in Groningen de Reductie genoemd) werd het klooster genaast en werden in het complex o.a. een weeshuis en een tuchthuis ingericht. . In 1308 schenkt de prefect van Groningen een huis met grond aan het dominicaner klooster van Winsum. Deze schenking is het begin van het Jacobijnerklooster in de stad. Jacobijnen is een alternatieve benaming voor de orde van de dominicanen of predikheren. Het klooster in de stad is een dochterklooster van het klooster van Winsum.

De kapel van het Jacobijnenklooster was vrij groot en werd ook door de bewoners van de stad Groningen bezocht. Het was één van de vijf belangrijkste kerken in de stad.

In 1308 schonk de prefect van Groningen, Ludolf van Gronebeke, een stuk grond binnen Groningen aan de prior van Winsum, Conrardus, een familielid van hem. Deze stichtte hier een dochterklooster, dat al in 1308 een bijdrage moest betalen aan de provincie Saxonia. De paus keurde de stichting in januari 1310 goed. Er mochten dertig broeders wonen; dit werd in datzelfde jaar bevestigd door het generaal-kapittel in Piacenza.

Het complex lag aan de Ebbingestraat OZ tussen de stadsmuren en de Jacobijnerstraat, terwijl aan de oostzijde een openbare straat moest blijven als scheiding met de Moderne Devoten. Delen werden verhuurd en men nam proveniers op. Het grondbezit was zeer beperkt: 3413/4 gras en juk en enig veen in Zuidlaren.
De termijngrenzen werden afgebakend door overleg met de kloosters te Zwolle, Leeuwarden en Osnabrück.

Het klooster sloot zich in 1506 na enkele eerdere mislukte pogingen tot hervorming aan bij de Congregatio Hollandiae. Het klooster te Winsum werd er in 1580 mee samengevoegd.

Met de overgang naar het protestantisme in 1594 (in Groningen de Reductie genoemd) werd het klooster genaast en werden in het complex o.a. een weeshuis en een tuchthuis ingericht.

De dominicanen moesten in 1594 via 's-Hertogenbosch uitwijken naar Brussel en Mechelen, waar de laatste broeder in 1639 overleed.

Lit.: F.J. Bakker, Bedelorden en begijnen in de stad Groningen tot 1594. Groninger Historische Reeks 3 (Assen 1988).

Klik hier voor informatie over auteurs, literatuur en websites waar veelvuldig uit geciteerd of geparafraseerd is.