Stichting Kunstbus Groningen

Dit artikel is 06-02-2021 voor het laatst bewerkt.
Mail uw opmerking over of aanvulling op dit artikel naar kunstbus@gmail.com

Herman Deusing

Herman Deusing, (Groningen 14 maart 1654 - Groningen 3 januari 1722) Juristen theoloog. Zoon van Antonius Deusing, hoogleraar geneeskunde. Begon in 1670 met een studie in de rechten en promoveerde in 1677. Sindsdien gaf hij openbare lessen.

Advocaat en ambteloos burger, meest in de stad Groningen. Hij was ongehuwd. Aanvankelijk legde hij zich toe op de rechtswetenschap, maar teleurgesteld over zijn vooruitzichten op een professoraat aan de universiteit van zijn vaderstad verschoof zijn interesse gaandeweg naar de theologie.

Toen in 1682 de Staten van Groningen hem tot hoogleraar in de rechten wilden benoemen, wees hij dat af. Hij ging reizen maar keerde naar Groningen terug, van plan daar een boek te schrijven over de wijsbegeerte van het recht. Daar zag hij echter van af.

In 1686 begon hij met de studie in de godgeleerdheid en raakte onder de indruk van de geschriften van de Leidse theoloog Johannes Coccejus (1603-1889).

Zijn anoniem uitgegeven Historia allegorica. Veleris et Novi Testamenti (1690) en het daaraan toegevoegde traktaat over de drie-eenheid was de oorzaak van verdachtmakingen en moeilijkheden die hij sindsdien ondervond.
Onder Vader, Zoon en Geest moet z.i. verstaan worden resp. Gods verstand, Gods oordeel en Gods wil. Spoedig raakte bekend dat Deusing deze typologische en mystieke denkbeelden had verkondigd. Het gevolg was dat hem de toegang tot het avondmaal ontzegd werd en dat zijn boek verboden werd. Eenzelfde verbod trof zijn Korte verdediginge.
Op grond van zijn allegorische opvatting van de bijbel werd hij verdacht van spinozisme, dat o.m. inhoudt dat de bijbel slechts religieuze betekenis heeft. Het huldigt een godsopvatting die onpersoonlijk-pantheïstisch is en leert dat de wiskunde het model is van alle kennis. De mens is in geweten vrij en wordt door inzicht bevrijd. Politiek en godsdienst moeten volledig van elkaar gescheiden zijn. Zowel de kerkelijke als stedelijke overheid van Groningen viel hem daarop aan. Deusing heeft getracht zich van deze beschuldigingen te zuiveren.

In 1692 had Deusing steun gezocht bij de Franeker hoogleraar H.A. Röell, die zelf in opspraak gekomen was over zijn visie op de Drieëenheid, maar deze ging niet op deze avances in.

Deusing week uit naar Drenthe waar de drost, E.A. baron van Palland, hem in 1697 wist te bewegen de Formulieren van enigheid te ondertekenen. De sancties van de Groninger kerkeraad werden opgeheven, maar de predikanten bleven argwanend.

Deusing voegde zich bij de Waalse gemeente aldaar, die welwillender tegenover hem stond. Zijn latere geschriften veroorzaakten geen problemen.


Pageviews vandaag: 5.