Lexicon Kunstbus Groningen

Dit artikel is 14-12-2021 voor het laatst bewerkt.
Mail uw opmerking over of aanvulling op dit artikel naar kunstbus@gmail.com

Groot Cremersgasthuis

Voormalig gasthuis aan de Grote Leliestraat te Groningen; rond 1960 gesloopt. In 1676 lieten Henricus Cremers en zijn vrouw Hebilia Metelen twee kamers aan de zuidzijde van de Schuitemakersstraat na, om er een gasthuis voor behoeftige rooms-katholieke vrouwen op te richten.

Het gasthuis bleef in de familie Cremers en werd uiteindelijk in 1765 geërfd door W.C. Cremers (zie Klein Cremersgasthuis) en zijn broer Jacobus J. Cremers. In 1906 werd het gasthuis verkocht aan het Rijk, omdat het Rijk de grond nodig had voor de bouw van het postkantoor aan de Munnekeholm. Het gasthuis verhuisde toen naar de Grote Leliestraat, waar zeven kamers met erven en bleken werden gekocht (nummers 29/1 t/m 29/7). Rond 1940 woonden hier nog steeds zeven dames die vrije woning, geneeskundige hulp en een maandelijkse uitkering kregen.

HET GROOT CREMERSGASTHUIS

Op de plaats van het voormalige postkantoor aan de Munnikeholm stond vroeger het refugium van het Aduarder klooster. In 1594 werd Groningen door prins Maurits ingenomen en de bezittingen vervielen aan de stad en de provincie. Deels werd het een gasthuis, deels pakhuizen van de W.I.C. Tegen dit gebouw bevond zich aan de zuidzijde van de Schuitemakersstraat een behuizing van twee kamers en een hofje. Dit werd in 1646 gekocht door Henricus Cremers en diens echtgenote Hebeline Metelen en op 28 augustus 1676 stichtte dit echtpaar hierin een gasthuis voor zes “nooddruftige en behoeftige rooms katholieke vrouwen”.

Op 29 juni 1765 vermaakte Anna Maria Cremers het gasthuis aan haar neven J.J.Cremers en W.C.Cremers ( dezelfde van het Klein Cremersgasthuis).

In 1803 trachtte de gemeente het pand te kopen i.v.m. de bouw van het Academisch Ziekenhuis. Dit mislukte.

In 1857 werd het een niet-parochiële stichting net als het Kl. Cremersgasthuis.

Het huis, in 1887 herbouwd tot zes kamers, werd in 1906 verkocht aan het Rijk voor de bouw van een nieuw postkantoor. Het gasthuis werd verplaatst naar de Grote Leliestraat 25-27.

Het Groot Cremers Gasthuis werd na 1922 samengevoegd met het Klein Cremers Gasthuis (dat in dat jaar verdwijnen moest aan de Pausgang, vanwege de bouw van het Mariapension) tot het Klein en Groot Cremers Gasthuis.

Rond 1940 waren er nog zeven conventualinnen.

Omstreeks 1960 is het afgebroken. Er is alleen nog een ijzeren hek.

Klik hier voor informatie over auteurs, literatuur en websites waar veelvuldig uit geciteerd of geparafraseerd is.


Er is nog niet op dit artikel gereageerd.

Pageviews vandaag: 2.