Stichting Kunstbus Groningen

Dit artikel is 25-11-2020 voor het laatst bewerkt.
Mail uw opmerking over of aanvulling op dit artikel naar kunstbus@gmail.com

bouwoffer

Het gebruik om bij de bouw van een huis of ander bouwwerk een offer aan een hogere macht te brengen. Al in de prehistorie was dit bekend en het kwam voor tot in de historische tijd. Archeologische voorbeelden zijn echter schaars. Een bekend Groninger voorbeeld is het offer van een paard, een rund en een hond, begraven langs de wand van één van de boerderijen opgegraven in de wierde van Ezinge. Deze boerderij is te dateren in de 6de eeuw v.Chr.

Het gebruik om bij de bouw van een huis, paleis, tempel of brug religieuze ceremoniën te verrichten, is of was bij bijna alle volken bekend; meestal werd daarbij een dier (haan, big, schaap, kikker) of een mens geofferd. Dat gebeurde óf door het offer te slachten en met het bloed pilaren, drempel, muren, enz. te bestrijken of te besprenkelen of 't met de kalk te vermengen, óf door het offer levend onder of in de fundamenten te begraven (1 Kon. 16 : 34).
Bij vele grote bouwwerken weet de volksmond van zulke offers: in de havenwerken van Calcutta en Delhi, den hoofdtempel van Shanghai, de groote brug te Halle, de brug tussen New-York en Brooklyn, den Mantsjoerijschen spoorweg, de muren van Kopenhagen, de forten van Skoetari, den Tower te Londen, enz. Bij al deze bouwwerken loopt 't gerucht van mens- of dieroffers.

En de geschiedenis weet van verschillende grote bouwwerken, waarbij plotseling een paniek onder de bevolking uitbreekt op 't gerucht, dat mensenbloed nodig is. De opgravingen leren, welk een omvang het gebruik oudtijds had aangenomen over de hele wereld: skeletten van mensen en dieren onder huizen, tempels en oude kloosters. In Turkije schijnen nog in 1865 kinderen levend begraven te zijn onder de fundamenten. Tegenwoordig worden in Turkije bij de bouw van spoorwegen e.d. dieren geslacht. Zo doet ook de Bedoeïen, die zijn tent opslaat. Waarschijnlijk is het dieroffer een verzachting van het mensoffer. Een andere verzachting is b.v. het inmetselen van een haarlok, of vaatwerk (waarschijnlijk gevuld met bloed of een andere, bloed voorstellende rode vloeistof), of paardenhoeven, skeletten, eetwaren, beelden van mensen, of (b. v. in Bulgarije) het inmetselen van de schaduw van een mens. Sommigen denken, dat 't gebruik om een lamp in te metselen, ook een verzachting van 't mensoffer is.

Over de bedoeling bestaat verschil van mening. Sommigen: 't Is een verzoening van den aardegod, op wiens terrein men inbreuk maakt door in den grond te graven en te bouwen. Anderen: de geest van de gewelddadig gedode blijft aan die plaats gebonden en fungeert als beschermgeest. De bij de offering uitgesproken formules bevestigen nu eens de eerste, dan weer de tweede zienswijze. De vele verhalen betreffende bouwwerken, die aldoor mislukken, totdat het vereiste offer is gebracht, spreken mede voor de eerste opvatting.

Misschien is de zgn. „eerste steenlegging” een survival van de genoemde gebruiken.


Eerste pageview van vandaag: 1