Stichting Kunstbus Groningen

Dit artikel is 06-10-2020 voor het laatst bewerkt.
Mail uw opmerking over of aanvulling op dit artikel naar kunstbus@gmail.com

bezweringen

Nu grotendeels vergeten, al of niet rijmende, op schrift gestelde of uitgesproken magische formules in dialect of standaardtaal, gebruikt ter genezing van ziekte bij mens, dier of gewas, ter bestrijding van allerlei noden, tot afweer van een eventueel kwaad of ter verkrijging van iets.

Sommige bezweringen hadden of kregen een speels karakter en zijn nu nog min of meer bekend, zoals die tegen de hik (Ik en snok gongen over 't meer, / Snok bleef weg en ik kwam weer; driemaal opzeggen, dan verdwijnt de
hik), of die voor het krijgen van een nieuwe tand: Taand, / Ik krieg die in mien haand, / Ik smiet die over 't laand, / Laimeneer, / Geef mie een aander weer.

Dit geldt ook voor door kinderen gebruikte ruilformules als: Kuutje buten is gedoan, / Drijmoal noa de helle goan, / Drij koppies melk opdrinken [beweging van drinken), / Drei koppies bloud spijen [beweging van spuwen], / Drij hoaren oettrekken [doen alsof).

Andere, minder bekende bezweringen (zware woorden) waren (zijn?) het eigendom van specialisten op toverkundig en medisch terrein: bezetters, duivelbanners, strijkers, schepers, wonderdokters en katholieke geestelijken. Zij bestreden bijv. pijn door zeven keer achter elkaar in de naam des Vaders, des Zoons en des Heiligen Geestes te zeggen: De pien, / Dij ik hier vien, / God geef dat dij verdwien, / As daauw op 't gras, / As doden in 't graf.

Als koeien de koorts hebben kunnen ze deze in een koortsboom bannen door een kring om de boom en het zieke dier te trekken en vervolgens te zeggen: Ekkelboom, doe olle, / Ik breng dij de kolle. / het is droagen tot op dizze
dag, / Droag doe het tot de jongste dag. In de naam, Enz.

Wanneer geheimzinnige machten de mens benauwen, kan men duidelijkheid over hun aard krijgen met: Zijt gij van God, zo kom tot mij, / Zijt gij van de duivel, ga van mij. Witte juffers laten zich verdrijven met: De Heer is bij mij, ik zal niet vrezen.

Meisjes konden een beeld van hun toekomstige oproepen met: Ik vol mien hoseband ien drijen, / En onder 't kussen stop ik hom / den zei ik straks wel mie komt vrijen / En 'k heur hom zingen: Joa ik kom! / Den zei ik hou hij stait, / Den zei ik hou hij gait, / des doags en sundoags oppe stroat, / len holding, wezen en geloat.

Tijdens het beleg van Groningen in 1672 wierpen de aanhangers van de bisschop van M√ľnster bommen in de stad, waarin men bezweringsplaten vond met de tekst: 'Vader, beginsel der wijsheid. Zoon en Geest en Heiligen en al wat heilig is, gedenkt onzer. Laat de kogel doden vallen bij hopen; werpt u ter neder. Amen'.

Zie ook slangen, ziektedemonen.


Eerste pageview van vandaag: 1