Stichting Kunstbus Groningen

Dit artikel is 21-10-2020 voor het laatst bewerkt.
Mail uw opmerking over of aanvulling op dit artikel naar kunstbus@gmail.com

arbeidersbeweging

De Groningse arbeidersbeweging neemt een unieke positie in de Nederlandse sociaal-economische geschiedenis in. De oorzaak hiervan ligt vooral in de bijzondere economische structuur van de provincie: er waren grote akkerbouwbedrijven en als er een landbouwcrisis heerste, had dit direct gevolgen voor de boeren, maar ook voor de arbeiders. Dit speelde vooral in het Oldambt, waar veel met 'losse' arbeiders moest worden gewerkt.

In Groningen ontstonden ook aan de landbouw verwante industrieën. De fabrieksarbeiders vormden een belangrijke beroepsgroep in de stad, en met name in Oost-Groningen. Arbeidersorganisatie was dus noodzakelijk. Naast de al bestaande werkliedenverenigingen werden na 1885 afdelingen van de Sociaal Democratische Bond (spa) opgericht.

In de jaren 1878-1895 was er sprake van een ernstige landbouwcrisis. In 1892 en 1893 was het oproerig in Oost-Groningen. In maart 1893 begon de spa een loonactie, ondersteund door een staking in Zuidbroek. De actie verzandde echter, doordat een goede stakingskas ontbrak.

In 1893-1894 vond een historische scheuring plaats in de arbeidersbeweging. Men streed over de vraag of meedoen aan parlementsverkiezingen voor socialisten wel geoorloofd was. Tijdens het SDB-congres van 1893,
gehouden in de stad Groningen, speelde de motie Hoogezand-Sappemeer een beslissende rol. Deze motie, die werd aangenomen, wees het meedoen aan verkiezingen af. De parlementaire socialisten stapten daarna in
1894 uit de SDB en richtten de SDAP op. De achterblijvenden in de SDB gingen later verder onder de naam Socialistenbond.

In het begin van de 20ste eeuw werden in Groningen een aantal belangrijke stakingen georganiseerd. Vooral bekend zijn de langdurige landarbeidersstaking in het Oldambt van 1929 en de staking in de strokartonindustrie van 1931-1932. Een ouderwets arbeidsconflict in de naoorlogse tijd was de zeven maanden durende staking bij zuivelfabriek 'De Ommelanden' in 1952.

Het laatste grote conflict deed zich voor in 1969, tijdens de herstructurering van de strokartonindustrie. Dit veroorzaakte veel arbeidsonrust. Actieleider in die tijd was de CPN'er Fré Meis, die de regering achterstelling van het 'Noorden des Lands' verweet.

Aan het einde van de 20ste eeuw komen nauwelijks nog langdurige arbeidsconflicten voor. De oorzaak hiervan is dat er door bonden als FNV en CNV afspraken op landelijk niveau worden gemaakt met regering en werkgevers. Zie ook werknemersorganisaties.


Pageviews vandaag: 2.